Het afgelopen jaar heb ik gemerkt hoe belangrijk het aangeven van je grens is. Veel mensen voelen en herkennen niet meer wanneer ze hun eigen grenzen overschrijden of als andere hun grens overschrijdt. Het gevolg: ze lopen vast of krijgen een burn-out. De meest gestelde vraag in mijn praktijk is dan ook: ‘Hoe geef ik mijn grenzen aan? Hieronder geef ik 4 tips die je kunnen helpen bij het leren herkennen van jouw grens. Door je grenzen aan te geven creëer je meer rust, vitaliteit en geluk in je leven. 

Jouw persoonlijk ruimte

We hebben allemaal ons eigen persoonlijke ruimte. Jijzelf bepaalt wat er binnen deze persoonlijke ruimte gebeurt of mag gebeuren. Jij bent ook diegene die de grenzen van deze ruimte bewaakt. Jij  bepaalt wie er wanneer, hoe lang en op welke manier toegelaten wordt en wanneer niet. De ruimte om ons heen, zoals wij die persoonlijk beleven, is te verdelen in vier gebieden, nl:

  • De intieme zone (0-45 cm)
  • De persoonlijke zone (45-120 cm)
  • De sociale zone (120-360 cm)
  • De publieke zone (360-750 cm of meer)

De grenzen van al deze zones zijn voelbaar. Als je teveel ‘in je hoofd’ leeft, als je te doelgericht bent of je te snel aanpast, of als je teveel aan het overleven bent, verlies je vaak het gevoel voor die grenzen. Omdat je wel bezig bent met alles en iedereen om je heen, maar niet of te weinig in contact staat met jezelf en met je lichaam.

Grenzen zijn voelbaar

Grenzen zijn voelbaar. Op het moment dat een ander of jijzelf je grens ‘aantikt’ geeft je lichaam een signaal. Dat is een zacht signaaltje bij een nog niet zo urgente grens, en dat signaal wordt sterker naarmate het er meer op aan komt. Zolang je in het ‘ja-gebied’ bent voel je rust, ontspanning, ruimte, veiligheid. Op een grens slaat je lichaam alarm: je wordt alert, je voelt spanning en/of onrust. Eigenlijk zegt je lichaam op een grens altijd ‘stop’ of ‘nee’ – en daarmee creëer je ruimte om met jezelf te overleggen of je de gevoelde ja of nee ook gaat volgen. De allerbelangrijkste woorden die je dan ook op de grens moet kunnen zeggen zijn de woorden ‘nee’ en ‘stop’. Pas als je dat kunt, krijgt je ‘ja’ waarde.

Neem je eigen ruimte in

Grenzen en ruimte zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. doordat ik in staat ben om mijn grenzen aan te geven, creëer ik ruimte voor mijzelf. Maar ook geldt: doordat ik mijn ruimte inneem en ‘vul’ met mijn aanwezigheid, worden mijn grenzen voelbaar voor mijzelf en voor anderen, en ben ik in staat die grenzen aan te geven. Zoals je in je huis spullen neerzet en een sfeertje creeert waar je je comfortabel en veilig bij voelt, zo doe je dat ook met je persoonlijke ruimte. Hoe meer je je eigen huis en tuin inricht naar je eigen smaak, des te prettiger en meer thuis voel je je er. Dat zelfde geldt voor je lijf (je ‘huis’) en je persoonlijke ruimte (‘de tuin om je huis’). Zorg goed voor jezelf. Doe wat bij je past, waar je van opknapt, waar je blij van wordt, waar je van groeit, het zoeken en overwinnen van je eigen uitdagingen, etc maakt dat je ogen gaan sprankelen, dat je van binnen gaat kwispelen, dat je je blij voelt met jezelf en met de wereld. Zo creeer je rust, vitaliteit en geluk in je leven.

4 tips om je grens aan te geven

Tip 1. Doe rustig aan en vertraag

Ons voelen is altijd vele malen sneller dan ons denken. Om je grenzen bewust te voelen zul je dus je tempo moeten verlagen. Zo geef je je ‘denkbrein’ de tijd om te registreren wat er allemaal te voelen is. Bouw in je dagelijkse leven momenten in waar je je tempo bewust laag houdt. Race bijvoorbeeld eens minder hard op je fiets naar je werk. Of loop minder gehaast door de supermarkt. Stel op zo’n moment jezelf de vraag: Wat voel ik? En probeer je hele lichaam met al je zintuigen te voelen. Je zult zien dat je vanzelf vetraagd.

Tip 2. Ontdek wat jouw grenzen zijn

Hoofdpijn, schouderklachten, slaapproblemen het zijn vaak tekenen dat je al een tijdje uit balans bent. Dit zijn duidelijke signalen in je lijf om serieus te nemen. Maar de echte uitdaging ligt in het luisteren naar subtiele signalen die je lichaam geeft. Vaak voelen we die niet door alle drukte van de dag. Je kunt signalen voelen op fysiek, metaal en emotioneel niveau. Duidelijk signalen op fysiek niveau zijn bijvoorbeeld: migraine, schouderklachten of rugklachten. Subtiele signalen op fysiek niveau zijn bijvoorbeeld: een ‘knoop in je buik’, een hoge ademhaling, een hoge hardslag en/of gespannen kaken. Op mentaal niveau zijn duidelijke signalen bijvoorbeeld: moeite om te concentreren, of ontzettend moe zijn. Subtiele signalen op mentaal niveau kunnen bijvoorbeeld zijn: de neiging om af te dwalen, chaotisch worden, of bepaalde gedachten krijgen (piekeren). Duidelijke signalen op emotioneel niveau kunnen bijvoorbeeld zijn: driftbuien of veel huilen. De subtiele signalen op emotioneel niveau kunnen bijvoorbeeld zijn: een onbestendig gevoel van angst krijgen of je moedeloos voelen.

Onderzoek bij jezelf eens welke duidelijke en subtiele signalen jouw lijf je geeft.

Tip 3. Vechten, Vluchten of Bevriezen?

Om te zorgen dat je niet structureel over je grenzen gaat of laat gaan, moet je dus de signalen in je lijf weten te herkennen. Maar net zo belangrijk is te ontdekken hoe jij in een grenssituatie reageerd. In een grenssitatie kan het zijn dat je heel goed voelt wanneer iets of iemand te veel voor je is, maar dat je daar niet zoveel mee doet. Je trekt je terug, je bevriest of je reageerd juiste heel vijandig. Vaak hebben deze patronen te maken met hoe jij vroeger als kind bent benadert door volwassenen om je heen (ouders, verzorgers). Mocht je vroeger boosheid, verdriet of angst hebben en uiten? Werd er echt naar je geluisterd? Inzicht in deze patronen is handig om tot verandering te kunnen komen.

Tip 4. Zet je nieuwe grenzen neer

Op onze grens ontmoet je de ander en ‘onderhandel’ je en/of maak je contact. Je moet je vooral bewust zijn van jezelf, en van je eigen ruimte, inclusief je eigen grenzen. Pas dan kan er goed onderhandeld worden – wat is goed voor mij, wat is goed voor jou, wat is goed voor ons? Nogmaals, de allerbelangrijkste woorden die je dan ook op de grens moet kunnen zeggen zijn de woorden ‘nee’ en ‘stop’. Pas als je dat kunt, krijgt je ‘ja’ waarde. Door flink te oefenen zet je je nieuwe grenzen neer. Dat kost tijd, energie en moed, omdat het iets is wat je moet leren. Het is goed om te beginnen met dat stuk wat het meest opvalt of vervelend is. En neem dan één stap; probeer niet alles ineens. Vaak als je dat goed neerzet, sijpelt het ook door naar andere gebieden. En vergeet niet dat je jezelf opnieuw moet leren kennen in dat veranderingsproces.

Door je grenzen te bewaken creëer je duidelijkheid naar jezelf én naar de mensen om je heen.

MAAK EEN AFSPRAAK

Heb jij moeite met het aangeven van je grens?

Maak dan een afspraak voor een gratis kennismakingsgesprek
MAAK EEN AFSPRAAK